Andere blogs die interessant kunnen zijn:

Wanneer heeft de OR recht op informatie? Over actief en passief informatierecht, financiële cijfers en strategische informatie.
Introductie
De ondernemingsraad ontvangt een adviesaanvraag, maar de financiële onderbouwing ontbreekt. Of er wordt gesproken over een reorganisatie, terwijl onderliggende scenario’s en risicoanalyses niet zijn gedeeld. In zulke situaties ontstaat discussie over één vraag: heeft de OR recht op deze informatie?
Artikel 31 WOR vormt het fundament onder vrijwel alle andere bevoegdheden van de ondernemingsraad. Zonder tijdige en volledige informatie kan de OR geen advies uitbrengen (artikel 25), geen instemming beoordelen (artikel 27) en geen volwaardig overleg voeren in het kader van artikel 24. Informatierecht is daarom geen technisch artikel, maar de basis onder invloed.
Dit artikel beschrijft wat artikel 31 WOR regelt, welke soorten informatie hieronder vallen en hoe de OR het informatierecht professioneel inzet.
De kern
- De bestuurder moet de OR alle informatie verstrekken die deze redelijkerwijs nodig heeft voor zijn taak.
- Het informatierecht kent een actief deel (de bestuurder verstrekt uit eigen beweging informatie) en een passief deel (de OR vraagt informatie op).
- Het recht geldt voor financiële, organisatorische en sociale informatie.
- Informatie moet tijdig, volledig en begrijpelijk zijn.
- Zonder adequate informatie kan de OR zijn wettelijke taken niet uitvoeren.
Artikel 31 WOR bepaalt daarmee de kwaliteit van de medezeggenschap in de praktijk.
Wat regelt artikel 31 WOR precies?
Artikel 31 WOR verplicht de bestuurder om de ondernemingsraad tijdig alle gegevens en inlichtingen te verstrekken die deze voor de vervulling van zijn taak nodig heeft. Dat geldt niet alleen wanneer de OR erom vraagt, maar ook uit eigen beweging wanneer relevante ontwikkelingen spelen.
In de praktijk gaat het onder meer om:
- financiële gegevens zoals jaarrekeningen, begrotingen en investeringsplannen;
- strategische plannen en toekomstscenario’s;
- personeelsgegevens en sociaal beleid;
- informatie over reorganisaties, overnames of uitbesteding;
- rapportages over arbeidsomstandigheden en verzuim.
De maatstaf is steeds dezelfde: kan de OR zonder deze informatie zijn rol als medezeggenschapsorgaan zorgvuldig vervullen? Zo niet, dan behoort de informatie te worden verstrekt.
Actief en passief informatierecht
Het informatierecht bestaat uit twee onderdelen.
Actief informatierecht betekent dat de bestuurder uit eigen beweging relevante informatie deelt. Denk aan strategische koerswijzigingen of financiële tegenvallers die invloed kunnen hebben op werkgelegenheid of arbeidsvoorwaarden.
Passief informatierecht houdt in dat de OR zelf informatie opvraagt wanneer deze nodig is voor advies, instemming of toezicht.
In de praktijk ontstaat discussie vaak over de vraag of informatie ‘nodig’ is. Dan helpt het om concreet te maken waarvoor de OR de informatie gebruikt: voor het toetsen van uitvoerbaarheid, financiële onderbouwing of personele gevolgen. Daarmee wordt het gesprek inhoudelijk in plaats van principieel.
Veelgestelde vragen
Welke informatie mag de OR opvragen?
De OR mag alle informatie opvragen die redelijkerwijs nodig is voor zijn taak. Dat kan financiële informatie zijn, maar ook achterliggende scenario’s, risicoanalyses of externe rapporten. De grens ligt bij informatie die evident geen relatie heeft met de taak van de OR.
Het is verstandig om bij een informatieverzoek expliciet te benoemen waarvoor de gegevens worden gebruikt. Dat vergroot de kans op een constructieve reactie.
Wat betekent ‘tijdig’ in de praktijk?
Tijdig betekent dat de OR voldoende gelegenheid heeft om de informatie te bestuderen en te bespreken voordat een besluit wordt genomen. Informatie die pas wordt verstrekt nadat het besluit feitelijk is voorbereid of al is aangekondigd, ondermijnt de invloed van de OR.
Goede procesafspraken – bijvoorbeeld vaste aanlevermomenten bij artikel 24-overleggen – voorkomen deze discussie.
Hoe ga je om met vertrouwelijke informatie?
De bestuurder kan informatie vertrouwelijk verstrekken wanneer zwaarwegende belangen dat rechtvaardigen. Artikel 20 WOR verplicht OR-leden in dat geval tot geheimhouding. Vertrouwelijkheid mag echter geen reden zijn om relevante informatie structureel te onthouden.
Wat als de bestuurder informatie weigert of te laat verstrekt?
Wanneer informatie structureel ontbreekt of te laat komt, kan de OR dit formeel vastleggen en het overleg hierover aangaan. Blijft het probleem bestaan, dan kan dit uiteindelijk leiden tot een geschil op grond van artikel 36 WOR. Dossieropbouw is daarbij essentieel.
Hoe organiseer je structurele informatievoorziening?
Veel OR’en maken afspraken over vaste rapportages, kwartaalbesprekingen of dashboards die aansluiten bij strategische thema’s. Door informatievoorziening structureel te organiseren, verschuift het gesprek van incidenten naar regie.
Voor voorzitters, dagelijks bestuur en ambtelijk secretarissen ligt hier een belangrijke rol: zij bewaken dat informatie niet alleen wordt ontvangen, maar ook wordt geagendeerd en benut.
Do’s & don’ts
Do’s
- Leg vast welke informatie periodiek wordt verstrekt.
- Koppel informatieverzoeken aan concrete advies- of instemmingstrajecten.
- Bouw een dossier op wanneer informatie herhaaldelijk ontbreekt.
- Gebruik artikel 24-overleggen om informatieafspraken te maken.
Don’ts
- Te algemene informatieverzoeken doen zonder toelichting.
- Wachten tot een formele adviesaanvraag binnenkomt voordat informatie wordt opgevraagd.
- Onvrede over informatievoorziening uitsluitend informeel bespreken.
Verdieping en samenhang
Artikel 31 WOR hangt nauw samen met andere bepalingen in de wet:
- Artikel 24 WOR: tijdige bespreking van strategische ontwikkelingen.
- Artikel 32 WOR: afspraken over informatievoorziening vastleggen in ondernemingsovereenkomst
- Artikel 36 WOR: geschillen over toepassing van de WOR.
Wie artikel 31 zorgvuldig toepast, voorkomt dat discussies over advies, instemming of escalatie achteraf worden gevoerd.
Afsluiting
Informatierecht is geen formaliteit, maar de voorwaarde voor betekenisvolle medezeggenschap. Wanneer informatie tijdig, volledig en begrijpelijk wordt gedeeld, kan de ondernemingsraad zijn rol professioneel vervullen. Ontbreekt die basis, dan verschuift het gesprek al snel van inhoud naar procedure.
Twijfel je of de informatievoorziening binnen jullie organisatie voldoende aansluit bij de rol van de OR? Dan is het verstandig om dit expliciet te bespreken en waar nodig afspraken te herzien. Sparren met één van onze adviseurs?
Ook interessant
Vragen naar aanleiding van onze blogs?
Onze collega Annette is onder andere verantwoordelijk voor de blogs. Ze beantwoordt graag je vragen!




