Afbeelding voor Artikel 23 WOR: overlegrecht en de overlegvergadering
Afbeelding voor Artikel 23 WOR: overlegrecht en de overlegvergadering
Hulp nodig?

Kees kan je verder helpen op het gebied van advies.

Mede omdat..
  • Maatwerk standaard bij ons is
  • 300+ tevreden klanten
  • Binnen 1 werkdag antwoord
AdviesMedezeggenschapOndernemingsraad

Artikel 23 WOR: overlegrecht en de overlegvergadering

Afbeelding voor Artikel 23 WOR: overlegrecht en de overlegvergadering

Hoe vaak overlegt de OR met de bestuurder, waarover en wie bepaalt de agenda? Praktische uitleg van artikel 23 WOR en de overlegvergadering.

Introductie

Zonder overleg geen medezeggenschap. Andere WOR-artikelen geven de OR rechten op informatie, advies of instemming, maar artikel 23 WOR creëert het podium waar die rechten daadwerkelijk worden gebruikt: de overlegvergadering. Dat is een formeel moment, geen toevallig praatje op de gang. Slim ingericht is het je belangrijkste instrument als OR. Als je het laat versloffen, vervliegt veel invloed waar je wettelijk wel recht op hebt.

Goed overleg is geen kwestie van vaak vergaderen. Het is een kwestie van weten wat je wilt bereiken, op het juiste moment de juiste onderwerpen op tafel krijgen en achteraf zorgen dat afspraken worden vastgelegd.

De kern

  • OR en bestuurder komen regelmatig bijeen voor de overlegvergadering — in de praktijk meestal tussen de zes tot tien keer per jaar.
  • Een extra overleg kan op redelijk verzoek van de OR óf de bestuurder; je hoeft niet te wachten op de volgende geplande datum.
  • Onderwerpen: alles waarover de OR advies-, instemmings- of informatierecht heeft, plus andere zaken die voor OR of bestuurder relevant zijn.
  • De agenda wordt gezamenlijk samengesteld; beide partijen kunnen punten aandragen.
  • Het voorzitterschap wordt afgesproken tussen OR-voorzitter en bestuurder — vaak om en om, soms vaste rolverdeling.
  • Van iedere overlegvergadering wordt een verslag gemaakt; dat verslag is later het bewijs van wat is besproken en afgesproken.

Het verschil tussen OR-vergadering en overlegvergadering

Een veelvoorkomende verwarring: de OR-vergadering en de overlegvergadering zijn twee verschillende dingen. De OR-vergadering is intern — alleen OR-leden, soms met de ambtelijk secretaris. Daar bepaal je je standpunt en bereid je het overleg voor. De overlegvergadering is het officiële moment met de bestuurder, en alleen wat dáár gebeurt telt formeel mee als overleg in de zin van de WOR.

Dat klinkt als een formaliteit, maar het is meer dan dat. Een onderwerp dat alleen op de wandelgang of in een appgesprek met de bestuurder is besproken, is juridisch niet “overlegd”. Wil je dat een advies, instemming of afspraak ergens hard staat, dan moet het via de overlegvergadering en in het verslag.

Veelgestelde vragen

Hoe vaak moet de OR met de bestuurder overleggen?

Artikel 23 WOR vraagt dat OR en bestuurder regelmatig bijeenkomen voor de overlegvergadering. In de praktijk gebeurt dat doorgaans zes tot acht keer per jaar. Vaker kan altijd — en in roerige periodes is dat vaak ook nodig. Minder dan vier of vijf keer per jaar wordt zelden als “regelmatig” gezien. Daarnaast gaan twee overlegvergaderingen over “De Algemene Gang van Zaken”, op basis van artikel 24.

Wie bepaalt de agenda van de overlegvergadering?

Dat doen OR en bestuurder samen. Beide kunnen punten aandragen. In de praktijk zie je dat de bestuurder vaak een conceptagenda opstelt en de OR daar onderwerpen aan toevoegt. Wees daar niet passief in: een overlegvergadering die alleen door de bestuurder wordt geagendeerd, mist al snel onderwerpen waar jij invloed wilt op hebben.

Kan de OR een extra overlegvergadering afdwingen?

Ja, als de OR daar een goede reden toe heeft — bijvoorbeeld een actuele kwestie die niet kan wachten tot de volgende geplande datum — kan de OR een extra overleg verzoeken. Onderbouw het verzoek met de inhoudelijke aanleiding en stel een concreet voorstel voor wat besproken moet worden. Een goed voorbereid verzoek wordt vrijwel altijd gehonoreerd.

Wie zit de overlegvergadering voor?

De WOR schrijft geen vaste rolverdeling voor. OR en bestuurder maken hier zelf afspraken over. Drie veelvoorkomende varianten: de bestuurder voorzit altijd, de OR-voorzitter voorzit altijd, of het voorzitterschap rouleert. Welke vorm ook — leg de afspraak vast en evalueer ‘m jaarlijks. Wie voorzit, stuurt de agenda en het tempo, en dat is geen detail.

Moet er een verslag van de overlegvergadering komen?

Ja, een verslag is verplicht. Vaak wordt dat verzorgd door de ambtelijk secretaris. Belangrijk is dat het verslag niet alleen weergeeft wat gezegd is, maar ook helder vastlegt welke besluiten en afspraken zijn gemaakt — inclusief wie wat oppakt en op welke termijn. Dat verslag wordt in de volgende overlegvergadering vastgesteld; pas dan is het de officiële weergave.

Wat als de bestuurder belangrijke onderwerpen niet op de overlegagenda zet?

Agendeer ze zelf. De OR heeft het recht om onderwerpen op de agenda te plaatsen, ook als de bestuurder daar geen behoefte aan heeft. Wel handig: dien het punt schriftelijk en onderbouwd in, en geef aan wat je in het overleg wilt bereiken (informeren, adviseren, een afspraak maken). Dan wordt het lastig om het opzij te schuiven.

Is het recht op initiatief hetzelfde als overlegrecht?

Nee, maar het initiatiefrecht maakt wel onderdeel uit van het overlegrecht. Het is geregeld in Artikel 23.3 – WOR. Het geeft aan dat de OR zelf ook met voorstellen mag komen. Waarop de bestuurder vervolgens ook formeel moet antwoorden. We noemen dat ook wel: ongevraagd adviseren. Je leest hierover meer in de blog die specifiek op het initiatiefrecht ingaat.

Do’s & don’ts

Do’s

  • Bepaal per agendapunt wat je wilt bereiken — informeren, adviseren, afspraak maken — en zorg dat dat in de OR-vergadering vooraf scherp is.
  • Stuur actief op de agenda; laat ‘m niet automatisch domineren door de bestuurder.
  • Vraag een extra overleg aan als een onderwerp dat verdient — daar heb je recht op.
  • Zorg voor zorgvuldige verslaglegging; het verslag is later je bewijs.
  • Gebruik het overleg ook voor onderwerpen die nog géén formele advies- of instemmingsstatus hebben — vroeg agenderen vergroot je invloed.
  • Evalueer jaarlijks met de bestuurder hoe het overleg verloopt; afspraken over voorzitterschap, voorbereiding en termijnen mogen bijgesteld.

Don’ts

  • Onderwerpen op de gang of in de wandelgangen “regelen” en denken dat het daarmee formeel besproken is.
  • Het overleg behandelen als een formaliteit waar je “even bij bent”.
  • Wachten tot de bestuurder een onderwerp aankaart dat jou aangaat — dan ben je vaak al te laat.
  • Afspraken alleen mondeling maken; zonder verslag heb je later weinig om op terug te vallen.
  • De agenda volstoppen met onderwerpen — minder en zorgvuldig is bijna altijd beter dan veel en oppervlakkig.

Samenhang met andere artikelen

Artikel 23 is het podium waar de andere medezeggenschapsrechten zichtbaar worden. Een paar belangrijke verbindingen:

Afsluiting

De overlegvergadering is geen verplichting die je naast je echte werk doet — het ís je echte werk als OR. Hier wordt invloed concreet, hier worden afspraken gemaakt, hier wordt vastgelegd wat de organisatie en de medezeggenschap met elkaar afspreken. Goede voorbereiding, een scherpe agenda en een betrouwbaar verslag maken het verschil tussen een overleg dat indruk maakt en een overleg dat verdwijnt zodra de deur dichtgaat.

Wil je weten hoe je het overleg in jouw organisatie effectiever kunt inrichten? Neem contact op met MEDE — we helpen ondernemingsraden en bestuurders om de overlegvergadering tot het instrument te maken dat het bedoeld is te zijn.

Vragen naar aanleiding van onze blogs?

Onze collega Annette is onder andere verantwoordelijk voor de blogs. Ze beantwoordt graag je vragen!

Mede omdat

onze blogs uitdagen en je laten nadenken

Nieuwsgiering?