De WNRA wordt per 1 januari ingevoerd. De gemeentelijke cao-tekst is vastgesteld. Daarin wordt afscheid genomen van het Georganiseerd Overleg. Er keert een Lokaal Overleg voor terug. Wat betekent dit voor de ondernemingsraad? Krijgt die er veel werk bij? Hoe verhouden ondernemingsraad en Lokaal Overleg zich? En wat als het niet lukt om een Lokaal Overleg van de grond te krijgen? Eva Bernaerts en Marcel Daems proberen dit te duiden.

 

Lokaal overleg

WNRA

De WNRA, Wet Normalisering Rechtspositie Ambtenaren betekent onder meer voor de gemeenten dat de CAR-UWO vervalt. De inhoud van de CAR-UWO is een op een omgezet naar een cao-tekst. De taal is minder ambtelijk en daardoor een stuk leesbaarder geworden. VNG en bonden hebben hier een mooi stukje werk verricht. In de onderhandelingen hadden de werkgevers als inzet dat het Georganiseerd Overleg met het overeenstemmingsvereiste zou sneuvelen.

Immers als de eenzijdige aanstelling vervalt en er een tweezijdig contract voor terugkomt, waarom dan de bijzondere positie van de vakbonden overeind houden en niet gelijkstellen met de andere sectoren die onder het burgerlijk wetboek vallen? De VNG heeft als werkgeversorganisatie geslikt dat er toch een soort GO terugkwam in de vorm van het Lokaal Overleg. Wat is gelijk gebleven en wat is veranderd?

 

Van Georganiseerd Overleg naar Lokaal Overleg

Op het eerste oog is het copy – paste. Het Georganiseerd Overleg komt met een andere naam voor 90% terug in de cao-tekst. Ook de regeling rondom de samenstelling van het GO en een geschillenregeling maken onderdeel uit van de cao (als voorbeeldreglement voor de werkwijze). Het overeenstemmingsvereiste blijkt voor 100% overeind. Toch is er een verschil: de onderwerpen waarover het Georganiseerd Overleg gaat zijn nu ingeperkt. De oude formulering van het GO was volgens artikel 12.2 van de CAR-UWO:

De commissie voert overleg over alle aangelegenheden van algemeen belang voor de rechtstoestand van de ambtenaren met inbegrip van de algemene regels volgens welke het personeelsbeleid zal worden gevoerd.

De nieuwe cao-tekst kent, net zoals de Wet op de Ondernemingsraden voor artikel 25 en 27, een limitatieve opsomming van onderwerpen waarover het Lokaal Overleg moet praten. Het gaat daarbij nu nadrukkelijk om onderwerpen die betrekking hebben op beloning en tijd.

 

Onderwerpen voor Lokaal Overleg

 

Onderstaande onderwerpen staan in artikel 12.2.1a. van de nieuwe cao-tekst voor gemeenten:

  • Conversietabel functiewaardering- en beloning
  • Uitloopschaal
  • Inconveniëntentoeslag
  • Reis- en verblijfskostenregeling
  • Reiskostenvergoeding woon-werk
  • Bronnen IKB
  • Doelen IKB
  • Bovenwettelijke uren
  • Aanvullende afspraken Van werk-naar-werk-traject
  • Afspraken over sociaal statuur/plan

 

In artikel 12.2.2 staat dat partijen in het lokaal overleg ook andere onderwerpen bespreken die van belang zijn. Maar of partijen dit doen, hangt dus nu af van de bereidheid van beiden. Voor de WNRA bood de formulering in artikel 12.2. van de CAR-UWO alle ruimte om andere thema’s rondom personeelsbeleid aan te snijden. Die vanzelfsprekende ruimte is nu ingeperkt. Sommigen zijn echter van mening dat de formulering in 12.2.2. juist de deur opent dat het nog steeds over  het algemene personeelsbeleid kan gaan. De vraag is of dat zo in de praktijk zal werken.

 

Ontwikkelingen bij Georganiseerd Overleg

Wij hebben ervaring met veel verschillende Georganiseerde Overleggen. Die ervaring laat zien dat het merendeel van de GO’s “slapend” is. Ook zijn er gemeenten of gemeenschappelijke regelingen waar geen GO meer is. Er zijn ook uitzonderingen. Zo zijn er GO’s die cao-thema’s actief aanzwengelen, en ook actief samenwerken of afstemmen met de ondernemingsraad.

Dit zijn vooralsnog uitzonderingen. Dat is ook niet zo vreemd. VNG en vakbonden hebben de afgelopen vijf jaar fors ingezet op het zoveel mogelijk regelen in de CAR-UWO, waardoor allerlei lokale regelingen overbodig of overruled werden. Dit betekent plat gezegd dat de agenda van het GO leegloopt. Dat maakt het voor de vakbonden ook meer behapbaar om GO’s te kunnen begeleiden. Met de gestage afname van het aantal gemeenten leek het voor de vakbonden een taakverlichting, maar er zijn ook veel meer gemeenschappelijke regelingen bijgekomen. Ook die behoren formeel een Georganiseerd Overleg te hebben.

Generatiepact gemeenten

Het aantal vakbondsleden bij de gemeenten is de afgelopen 20 jaar ook fors teruggelopen. Dat is passend in de maatschappelijke trend waarin het draagvlak voor vakbonden en hun werk is afgenomen. Dit betekent overigens niet dat medewerkers niet waarderen dat vakbonden een cao uitonderhandelen, maar het wordt als een ‘commodity’ gezien, als iets vanzelfsprekends.

De individuele keus om zich te verbinden aan een vakorganisatie is daarentegen niet langer vanzelfsprekend. De aangroei met jongere leden is zeer beperkt, en niet alle jongere leden zijn zo betrokken en strijdvaardig dat ze zich allen ook echt verdiepen in de materie. De vijver waaruit gevist wordt voor het werven van GO-leden droogt dus op. Dat betekent dat met het invoeren van een Lokaal Overleg niets veranderd aan deze ontwikkeling. Het wordt er niet eenvoudiger op.

Wij kennen GO-leden die met het vooruitzicht van de WNRA al min of meer afscheid aan het nemen waren van het GO, in de verwachting dat deze zou worden afgeschaft. Die keren niet zomaar terug in een Lokaal Overleg.

 

Lokaal overleg: gevolgen voor de ondernemingsraad

In eerste instantie verandert er dus niet heel veel, behalve dat het continue gesteggel tussen GO en OR over de taakverdeling nu minder complex is. De traditionele kruisjeslijsten met een soort standaard-taakverdeling tussen Georganiseerd Overleg en ondernemingsraad leidde nog weleens tot veel discussie. Dat kwam doordat er teveel onderwerpen waren met twee kruisjes en zonder heldere afspraken hoe daarmee om te gaan. Met het  gevolg dat er wat onduidelijkheid en soms ook getouwtrek ontstond.

Met het lijstje onderwerpen waarover het Lokaal Overleg straks gaat, is de taakverdeling simpeler geworden. Recent werd ons gevraagd hoe straks om te gaan met een regeling waarin zowel een instemmingsplichtig als een overeenstemmingsplichtig onderwerp staat. Dit zijn typisch voorbeelden die geregeld moeten worden in een convenant. De meest praktische oplossing is dan: splits de regeling in tweeën. Een regeling waarover het Lokaal Overleg gaat, en één regeling waarover de ondernemingsraad instemming geeft. Het schrappen van de formulering:

De commissie voert overleg over alle aangelegenheden van algemeen belang voor de rechtstoestand van de ambtenaren met inbegrip van de algemene regels volgens welke het personeelsbeleid zal worden gevoerd.

heeft naar onze overtuiging wel een gevolg dat het nu helder is wie aan zet is als het gaat om het overleg over het personeelsbeleid in brede zin. Dat is nu aan de ondernemingsraad en niet aan het Lokaal Overleg. Die afbakening is nu wel veel duidelijker. De ruimte in 12.2.2. (het mogen bespreken van andere onderwerpen) is niet bedoeld om de rol van de ondernemingsraad in te perken, maar om cao-thema’s te agenderen die echt om een lokale regeling vragen.

Het algemene personeelsbeleid was in het verleden een onderwerp waar een actiever GO soms voor de voeten liep van de OR of omgekeerd. Nu lijkt het zo te zijn dat de ondernemingsraad daar nu echt in positie wordt gebracht.

 

Geen lokaal overleg: gevolgen voor de ondernemingsraad

De kans bestaat dat er met de invoering van de WNRA per 1 januari 2020 in een flink aantal gemeenten geen lokaal overleg komt. Eenvoudigweg omdat een aantal huidige vakbondsleden van het Georganiseerd Overleg niet doorgaat en er geen vervangers staan te dringen voor de poort van het Lokaal Overleg. Hoewel er een verplichting is tot Lokaal Overleg, kunnen de vakbondsleden er niet met hun haren bijgesleept worden. In de CAR-UWO-tijd, was er sprake van een gehoorbepaling ingeval er geen GO mogelijk was.

Deze hoorbepaling houdt in dat voorstellen van de werkgever die anders aan het GO zouden worden voorgelegd, rechtstreeks aan de vakorganisaties worden gezonden met het verzoek hun opvatting te geven voordat deze worden vastgesteld. Ook voor deze werkwijze geldt dat het overeenstemmingsvereiste van toepassing is. Nu kunnen wij ons niet voorstellen dat vakbondsbestuurders zitten te wachten op 100 verzoeken op jaarbasis voor een hoorbepaling.

Het lijkt ons dan ook wenselijk dat hierover nadere afspraken worden gemaakt en de onderwerpen van het Lokaal Overleg door middel van een convenant worden overgedragen naar de ondernemingsraad. Met dien verstande dat het overeenstemmingsvereiste niet kan worden overgedragen. Aan het overeenstemmingsvereiste zit namelijk een geschillenregeling vast waarvoor de ondernemingsraad geen ontvankelijke partij is. Daarom zullen de onderwerpen van het Lokaal Overleg allen kunnen vallen onder het instemmingsrecht, mocht het Lokaal Overleg niet tot stand komen.

 

Heeft u vragen over dit artikel of over de rol die u als ondernemingsraad, neem dan contact op met:

Eva Bernaerts of Marcel Daems