rafting-829053_1280

Hoe vernieuw je medezeggenschap? Gewoon stevig met je nieuwe ideeën de kont tegen de krib in gooien? Revolutie ontketenen? Dat kan erg uitdagend en leuk zijn, maar soms niet altijd effectief. Zeker niet als dit de enige manier is van vernieuwen. Zwem je tegen de stroom in? Of creëer je een nieuwe stroom die niet als een kanaal recht op het doel af gaat, maar meer meanderend zijn weg zoekt?

 

Nieuwe ideeën en weerstand

Iedere vernieuwer kent het wel: je komt met briljante ideeën en je ontmoet bijna direct diverse vormen van weerstand: ongeloof, onbegrip, ontkenning. Een enkeling probeert je te volgen en ziet wel wat in de nieuwe ideeën, maar die enkelingen laten zich al vaak snel door de andere ‘apen’ terughalen in het oude hok. Als je als vernieuwer als martelaar ten onder wil gaan, dan moet je vooral alleen maar tegen de stroom in proberen te zwemmen.

Anders? Dan maar met de stroom mee?

Wie weleens in een ruwe rivier heeft gezwommen of gekanood weet dat er niet alleen maar stroomafwaarts of stroom op is, maar dat er tussen de rotsen ook weleens vreemde rustige plekken zijn, waar je soms stil kunt vallen en op adem kunt komen. Als vernieuwer gaat het er immers niet om alleen met goede, nieuwe, briljante ideeën te komen, maar ook mee te helpen de ideeën geaccepteerd te krijgen. Daarvoor moet je soms anders bewegen dan alleen maar tegen de stroom in, of tegen de klippen op. Meebewegen, pauzeren, observeren, interventies bedenken en dan weer de ruwe stroom opzoeken.

Er was eens…..

een voorzitter van een OR, we noemen hem Jeroen, die goed keek naar de veranderingen binnen de organisatie. Hij was geen goeroe, maar wel een early adaptor. Hij zag, herkende, en benoemde de noodzaak en logische redenen voor de ingezette veranderingen. Hij zag in dat ook de OR darom een slag moest maken. Alleen…binnen de OR dook met regelmaat een soort ongeloof, onbegrip en recht-toe-recht-aan weerstand op tegen die veranderingen. Dus, voordat hij zijn vernieuwende ideeën voor de OR (projectmatig werken en meer directe participatie) aankwam, probeerde hij eerst de OR steeds meer mee te krijgen in de acceptatie dat de wereld verandert, dat de organisatie zich daarop moet aanpassen en dat dit uiteindelijk ook betekent dat de OR zelf ook zich moest aanpassen.

Het betekent iets voor jou….

Wat de voorzitter goed deed, was de OR-leden individueel meenemen, persoonlijke aandacht schenken en op een liefdevolle manier coachen. Als een verandering door een OR-lid werd ‘ontkend’: “ooooh, dat treft mijn functie niet hoor”, kwam hij respectvol met concrete voorbeelden hoe dat toch wel zo was, en spiegelde het OR-lid daarmee. Zolang dat respectvol gebeurde, zag je het OR-lid langzaam maar zeker bewegen. In plaats van: “nee, dat geldt niet voor mij”, ontstonden vragen: “maar hoe doe ik dat dan?”. Toen de organisatie wat meer projectmatig ging werken, ontstond ruimte om te experimenteren met projectmatiger werken binnen de OR. planning-620299_1920En ging het moeilijk, dan werden de ervaringen goed besproken en in plaats van dat de vernieuwende voorzitter met de oplossingen kwam, vroeg hij de groep welke oplossingen mogelijk waren, voegde die van hem er aan toe, en keek waar het meeste draagvlak voor was. En soms moest hij gewoon even slikken. Dan zag hij dat hij soms één stap terug moest doen om er later twee vooruit te kunnen zetten.

Veranderen en vernieuwen binnen de organisatiecontext

Er zijn natuurlijk vernieuwers die gedreven zijn door vernieuwing om de vernieuwing zelf, of omdat ze echt geloven dat een bepaalde vernieuwingsslag essentieel is voor het voortbestaan. Dat kan, dat mag, maar is het effectief? Het is effectief als de ideeën landen binnen de context van de organisatie. Waar is de organisatie mee bezig? Kunnen we die beweging goed duiden en vertalen naar de context van de OR/medezeggenschap? Uiteraard kan het geen kwaad om als OR te experimenteren met vingeroefeningen op het gebied van social media, maar als de meeste medewerkers daar nog erg huiverig tegenover staan (ook al hebben ze privé een Facebookpagina), dan moet je als OR niet te snel of teveel willen. Al staat 90% van samenleving op Facebook en Twitter, daarmee is het nog steeds niet vanzelfsprekend dat de meerderheid in de eigen organisatie er aan toe is. Soms zijn organisaties behoudender dan de samenleving, soms zijn organisaties voorloper. Kijk goed hoe de eigen organisatie ervoor staat. Sla experimenten niet uit te weg, maar kies wel een experiment met enig kans van slagen.

De grootst mogelijke kleine stap kan een hele grote zijn

In de jaren ’posterOranjevrijstaat197170 was er in Amsterdam de Kabouterbeweging, als opvolger van de ProVo’s. Waar de ProVo’s vooral provoceerden, begonnen de Kabouters letterlijk in het klein te experimenteren met vernieuwingen. Niet Nederland ineens omturnen, maar Amsterdam, en dan nog in het klein in straten of buurten. Op de muren verscheen de prachtige leuze: “LIEVE(R)EVOLUTIE”, oftewel Lieve Revolutie of Liever Evolutie. Ze geloofden in de kracht van hun ideeën en dat deze zouden aanslaan, maar geloofden ook in geleidelijkheid, in klein beginnen en in de aanstekelijkheid van hun gedachtegoed. Zo vernieuwde en veranderde de OR-voorzitter ook de OR waar hij leiding aan gaf. Het DB was samengesteld uit hemzelf (een procesgerichte vernieuwer), een jonge A&O-specialiste die kritisch meebewoog maar zich ook liet inspireren en een vertegenwoordiger van de wat oudere garde, die niet perse tegen vernieuwing was, maar wel de stem van de voorzichtige ‘back benchers’ vertolkte. En zo werd de vernieuwing er een van het nemen van de grootst mogelijke kleine stap. Geen strijd, wel dialoog en discussie. En in verbinding met iedereen blijven. Voor deze groep werden in drie jaar tijd grote stappen gezet. Van meer wantrouwend naar open, van puur inhoudsgericht naar meer procesgericht, en van vergaderend naar resultaat- en projectmatig werken.

Gras groeit niet door eraan te trekken, ook niet met kleine rukjes

Gras groeit vanzelf met wat zon en water en een goede ondergrond: vernieuwing heeft een klimaat nodig van mogen, maar ook van kiezen om iets niet te doen, of niet alles tegelijk. Pragmatisch vernieuwen als het mogelijk is. Grote stappen snel thuis….grote stappen snel op je snuiter. Liever evolutie of een lieve revolutie. Biedt ruimte om aan te haken, nodig uit en stoot niet af.