Bij gemeentelijke samenwerking speelt de politiek een belangrijke rol.  Het primaat van de politiek perkt de formele van de ondernemingsraad sterk in, terwijl juist politieke besluiten over gemeentelijke samenwerking aan de orde van de dag zijn. Hoe ga je als ondernemingsraad om met die speciale positie? Kun je wel invloed uitoefenen en hoe doe je dat? De verkennende ondernemingsraad biedt uitkomst.

Primaat van de politiek: waarom eigenlijk?

Het is een bijzonder maar wel begrijpelijk verschijnsel. Omdat wij in een rechtsstaat leven met scheiding der machten (uitvoerende, rechterlijke en wetgevende macht), kan het niet zo zijn dat een rechter tussenbeide komt terwijl de wetgevende macht (‘de politiek’) bezig is om een besluit te nemen. Sinds 1995 is de wet op de ondernemingsraad van kracht bij de overheid. Volgens die wet heeft de ondernemingsraad de mogelijkheid om tegen een besluit in beroep te gaan bij de rechter. Precies dat beroepsrecht, dat gekoppeld is aan het overleg-, advies- en instemmingsrecht, maakt het staatsrechtelijk ingewikkeld. Vandaar dat er een uitzondering is gemaakt voor de ondernemingsraad bij de overheid.

Publiekrechtelijke taken en primaat van de politiek

Het primaat van de politiek wordt in artikel 46 van de WOR omschreven. Kern is dat de ondernemingsraad geen overlegrecht heeft bij het publiekrechtelijk vaststellen van taken, het beleid ten aanzien van die taken en de wijze van uitvoering van die taken. Voorbeeld: als een gemeente een besluit wil nemen over het cultuurbeleid, kan dit bijvoorbeeld leiden tot het privatiseren van de muziekschool, alsmede tot een korting op het subsidiebedrag. Dit zijn typen besluiten die vallen onder het politiek primaat. Wel mag de ondernemingsraad overleg hebben (en daarmee ook adviseren) over hoe om te gaan met de personele gevolgen van een dergelijk besluit. Bijvoorbeeld: wat gaat er gebeuren met de medewerkers van de muziekschool voor zover deze in dienst zijn bij de gemeente en als de subsidieregeling vereenvoudigd wordt, betekent dat minder formatie bij de afdeling cultuur?

Houdingen van ondernemingsraden

Sinds de invoering van de WOR in 1995 bij de overheid zien we verschillende reacties. Van ontkenning en bluf (“hoezo beperking van bevoegdheden, daar gaan we niet zomaar mee akkoord”) tot eenvoudigweg erkenning (“we kennen onze plaats en beperken ons daartoe”) tot verkenning (“we accepteren het primaat, maar onderzoeken wel waar we invloed kunnen hebben”). Ontkennen heeft geen enkele zin, een juridische strijd aangaan vanuit een diepe overtuiging dat het ‘niet eerlijk is’ ook niet. De Hoge Raad heeft telkenmale bevestigd dat het primaat van de politiek principieel niet zal en kan worden ingeperkt.

Erkennen is begrijpelijk, maar het slechts voegen naar de beperkingen in de wet en niet kijken of er andere wegen zijn, doet onvoldoende recht aan de rol van de ondernemingsraad in de organisatie. Daarom adviseren we ondernemingsraden altijd de verkennende houding aan te nemen. Verkennen vanuit de overtuiging dat de ondernemingsraad meer is dan zijn formele bevoegdheid.

Verkennende ondernemingsraad bij gemeentelijke samenwerking

verkennende ondernemingsraadEen verkennende ondernemingsraad positioneert zich niet op basis van formele bevoegdheden, maar als gesprekspartner namens de stakeholder personeel. De meeste colleges en WOR-bestuurders begrijpen best dat een volgende stap in een gemeentelijke samenwerking heel veel betekent voor medewerkers. Gemeentelijke samenwerking, eventueel detachering, ambtelijke fusie of herindeling, dat is nogal wat. Dus, als de ondernemingsraad een houding aanneemt en zegt: we willen graag nadere afspraken maken over de rol van de ondernemingsraad in dit proces, gaat het niet om de procedurele borging van de bevoegdheden, maar om het zichtbaar zijn en betrokken zijn gedurende het hele proces.

De verkennende ondernemingsraad betekent in dit geval een aantal zaken:

  • De OR wacht niet af tot informatie naar hem toekomt, maar beweegt, netwerkt en onderzoekt actief.
  • Netwerken bij politiek kan, maar beperkt zich vooral tot weten wat er speelt. Het mengen in de politieke verhoudingen is vaak niet verstandig, omdat dit direct effect heeft op de relatie met de WOR-bestuurder. De OR komt bijvoorbeeld naar raads- en/of
  • De ondernemingsraad adviseert wel, maar met de aantekening ‘gelet het politiek primaat’. Dat laatste betekent: de OR wordt betrokken en adviseert zonder in beroep te zullen gaan.

 

Veel ondernemingsraden stellen dan: dit moeten we wel vastleggen in een convenant of ondernemingsovereenkomst. Ons advies: dat is niet een doel. Het doel is om gezien te worden, betrokken te worden. Als het handig is om daarover afspraken vast te leggen, kan dat natuurlijk wel, maar voorkom dat je daar direct op koerst. Het kan namelijk die bereidwillige wethouder of burgemeester meteen weer kopschuw maken.

Belangen, beelden en feiten kennen

De verkennende ondernemingsraad beperkt zich niet tot de ‘inner circle’, hij kijkt goed om zich heen. De ondernemingsraad wacht dus niet af tot de bestuurder met informatie komt. Ga snel praten met de buurgemeenten, de ondernemingsraad of ondernemingsraden van de beoogde samenwerkingspartners. Doe dat met open vizier en met belangen open op tafel. Wees oprecht geïnteresseerd, stel open vragen, stel je oordeel uit. Wees zowel geïnteresseerd in de inhoud, de organisatie, maar ook in de mensen, de cultuur, de normen, waarden van de andere partij(en).  Probeer de samenwerking met hen op gang te brengen, maar laat dit ook een meer natuurlijke weg zijn. Voorkom direct de formele discussie over een bijzondere ondernemingsraad. Wissel informatie uit. Versterk daarmee elkaars informatiepositie. Zo kom je als overlegpartner (samen) veel sterker over.

Per fase maatwerk in medezeggenschap!

In de snuffel-, knuffel- en vrijagefasen van de gemeentelijke samenwerking, is het wenselijk maatwerk te leveren. Zie dat als wat je zelf zou doen wanneer je op een eerste date gaat. Dan breng je ook niet meteen je agenda mee om de trouwdatum te prikken en de volgende dag aangifte te doen van het voorgenomen huwelijk. Kortom: laat ook daar het proces haar gang gaan. Eerst informeel maar betekenisvol en oprecht geïnteresseerd. In de fase na het snuffelen, zijn er meer toenaderingen die ook vragen om het vastleggen van intenties over en weer, de vrijblijvendheid is er wel vanaf. Je hebt tegen elkaar gezegd dat je elkaar leuk vindt en verder wilt onderzoeken. Dat vraagt meer structuur en afspraken. Uiteindelijk kan dat leiden tot een formele afspraak over de structuur van medezeggenschap (Bijzondere Ondernemingsraad/BOR of OR-platform, of gemeenschappelijke voorbereidingscommissie), eventueel ook een convenant waarin dit is vastgelegd. Verken in die fase ook de samenwerking met een nog te vormen BGO, Bijzonder Georganiseerd Overleg.

Belangrijker nog dan het vastleggen en formaliseren van die afspraken, is het formuleren van een gezamenlijke visie op de nieuwe ambtelijke organisatie. Of dat nou een fusiegemeente is of een shared service die diensten levert in opdracht van meerdere gemeenten maakt daarbij niet uit. Probeer daarin niet volledig te zijn, maar focus op die punten die voor het samenspel tussen medewerkers en organisatie essentieel zijn:

  • Kernwaarden en -competenties
  • (Stijl van) leiderschap en sturing
  • Organiseren van samenwerking (verticaal/hark), horizontaal en diagonaal (programma, project, opgave)
  • Balans werk-privé
  • Basisfaciliteiten om goed te kunnen werken
  • HR-visie op ontwikkeling en inzet van medewerkers.

Ervaringen

We hebben goede ervaringen waar ondernemingsraden en georganiseerde overleggen samen met elkaar tijdens een werkconferentie die visie in de steigers zetten. Inhoud verbindt meer dan gepraat over ‘posities en procedures’. Ook formuleer je met elkaar hoe je medezeggenschap wilt inrichten gedurende het fusieproces en hoe je medezeggenschap/medewerkersparticipatie in de organisatievisie wilt terugzien. In deze startfase is het goed, dat je zonder al geformaliseerd bent als BOR, deze gemeenschappelijke visie al te delen bij de WOR-bestuurders, maar ook bij het college en gemeenteraad. En wil je die visie ook gedragen laten zijn door de achterban(nen)? Organiseer dan een of meerdere bijeenkomsten waarin je medewerkers op hoofdthema’s om input vraagt en verwerk dit in de visie zoals je die zelf al aan het opstellen was. Gewoon bottom up. En investeer daarnaast in de relatie met de WOR-bestuurder(s).

Vervolgens komt de fase waarin de BOR meters moet gaan maken, er volgt een reeks voorgenomen besluiten waar de BOR over moet/mag adviseren. Hierbij is het essentieel dat er een goede taakverdeling is tussen BOR en de OR-leden die niet in de BOR zitten. Betrek hen in commissies, werkgroepen of projectgroepen. Vraag ook andere medewerkers om op bepaalde dossiers input te leveren en zorg voor minimaal een drietal bijeenkomsten met de medewerkers rond deze essentiële voorgenomen besluiten. De ervaring leert dat het ophalen van commentaar, wensen, ideeën beter werkt en meer invloed heeft dan het voorleggen van een compleet conceptadvies waar de OR zelf al een richting heeft gekozen.

Volgende blog: varianten van gemeentelijke samenwerking

In de volgende blog gaan we in op een aantal varianten van gemeentelijke samenwerking en de ervaringen daarmee en wat dit betekent voor de medezeggenschap.